Expositie in Galerie Kunst 2001
In de beelden van Marja Verhage komen veel vormen voor die een abstractie van beweging laten zien. Het is intrigerend voor haar om beweging weer te geven in zo iets onbeweeglijks als steen. Door middel van de abstracte vormentaal met veel dynamische aspecten creëert zij vaak tegengestelde bewegingen.
Deze dualiteit is ook te vinden in het uiterlijk (de huid) van het beeld, dat zo wel ruw en/of glad kan zijn. Marja werkt het liefst in de wat hardere steensoorten, zoals marmer, hardsteen en travertijn, soms in de wat zachtere, zoals in albast.
De schilderijen van Griet Halbertsma begeven zich tussen lyriek en abstractie. In haar manier van werken is er geen vooropgezet plan of idee. Kleuren worden intuïtief tegen elkaar of over elkaar aangebracht. Het is het creëren van een chaos en op een gegeven moment dàt doen, waar het werk haar toe aanzet. Die actie vertaalt zich vaak in een lijnenspel. Direct uit de tube of flacon worden de lijnen ingekerfd in de nog zachte verf of komen er in reliëf bovenop te liggen. Dit herhaalt zich tot dat er een beeld ontstaat waarvan zij de ‘klank’ herkent.